Periode dirigent G. Coumans

Het ontslag van dirigent Boon sloeg in als een bom. Goede raad was duur. Pogingen om desnoods een tijdelijke dirigent aan te trekken, liepen op niets uit. Noodgedwongen moest om uitstel worden gevraagd om op concours te gaan bij de R.K. Bond van Muziekgezelschappen. Enkele weken verstreken. Druk overleg werd gevoerd tussen bestuur en leden. Vrij spoedig werd een serieuze kandidaat gevonden. De geboren en getogen Steindenaar Ger Coumans, nam het dirigentschap aan. Na het polsen van de capaciteiten van het korps werden de benodigde muziekwerken besteld en in studie genomen. Binnen een tijdsbestek van 11 maanden voerde hij St. Martin op l oktober 1972 te Ubachsberg naar nieuwe triomfen. Met de werken ‘Three Motions’ van Meindert van Boekel en het ‘Pride of Race’ van K.A. Wright werden 327 1/2 punten behaald, goed voor een eerste prijs met lof van de jury. De oude roem herleefde. Het muziekkorps groeide naar zijn 80-jarig bestaansfeest toe. Van 20 tot en met 30 juli 1973 werd het 80-jarig bestaansfeest op grootse wijze gevierd.

Hierbij werd stilgestaan bij de pioniers Pierre Janssen – 60 jaar lid en Mathieu Janssen van 1915 tot 1929 lid en van 1929 tot 1968 dirigent en van 1968 tot 1973 ere-dirigent. Zij mochten een grootse hulde in ontvangst nemen. Ook de jubilarissen Harie van Musch en Mathieu op ‘t Broek, beiden 40 jaar lid, Wim Schepers en Pie Goossens 30 jaar en de leden Lei Goossens, Jac op den Camp, Harie Cremers, Martin Cremers, Wim Smeets, Pie Janssen en Joost Marell, allen 25 jaar lid, werden in die hulde betrokken.

Bij de opening van de festiviteiten die vanzelfsprekend gepaard gingen met een receptie, voerde als eerste burgemeester Coenders het woord. Sprekend namens de Koningin deelde hij mede dat het Hare Majesteit had behaagd om de 80-jarige ‘De erepenning van verdienste’ toe te kennen, vergezeld van een oorkonde. Deze Koninklijke geste werd met een oorverdovend gejuich ontvangen. Na de openingsceremonie nam het bezoekende muziekkorps uit Rietheim een goed voorbereid avondconcert voor zijn rekening. Huldebetoon, toespraken en het overhandigen van herdenkingstrofeeën gingen hierna van start. Op zondag 22 juli 1973 werd zeer goede muziek ten gehore gebracht door diverse zusterverenigingen. Het slot van de avond, een superieur avondconcert, was weer voorbehouden aan de fanfare St. Joseph uit Meers. Zoals het leven is, hoogtepunten en dieptepunten, zo zijn er ook ups en downs in het verenigingsleven. Het eerste weekend was schitterend afgesloten, toen op maandag 23 juli 1973 de fanfare in diepe rouw werd gedompeld.

In de namiddag kwam het droeve bericht dat beschermheer dr. A.A.J. Govaert, samen met zijn broer Th. Govaert (priester), op de Middenpeelweg het slachtoffer waren geworden van een noodlottig ongeval. De fanfare kweet zich van haar taak door op piëteitvolle wijze haar beschermheer naar zijn laatste rustplaats te begeleiden in zijn woonplaats Maastricht. Het was niet gemakkelijk een gepaste overgang te vinden van rouw naar feestvieren. Het tweede weekend moest zoals gepland toch doorgang vinden. Na de vele goede concerten werd het jubileumfeest afgesloten met een uitstekend avondconcert, gegeven door de fanfare St. Martinus uit Urmond onder leiding van August Thissen.

Het 80-jarig bestaan had nieuw elan geschapen binnen de gelederen. Ook financieel had men zijn doel bereikt. De verenigingsgeest was lovenswaardig. Dirigent Coumans lanceerde enthousiast het voorstel om in 1974 deel te nemen aan het Wereldmuziekconcours te Kerkrade.

De ervaring heeft geleerd dat zulke initiatieven eigenlijk uit de kern van de vereniging moeten worden geboren. Bij vele leden was dit elan niet te bespeuren. De steeds grotere vakantiespreiding was een handicap. Met 303 1/2 punt werd een eervolle eerste prijs behaald. Hiermee mocht men tevreden zijn. Een uitslag die wellicht voor sommigen tegenviel. Het is een feit dat het deelnemen aan een wedstrijd een maximale inzet en concentratie vereist van elk lid afzonderlijk en in verenigingsverband om verzekerd te zijn van succes. In 1972 had St. Martin met dirigent Coumans zich in de concurrentieslag tussen de groten weten te handhaven. Het overdrukke programma dat de fanfare had af te werken gaf niet veel tijd om te piekeren over een ‘minder goed’ resultaat.

De vele verplichtingen ten opzichte van zusterverenigingen en de kerkelijke en gemeentelijke verplichtingen binnen de gemeentegrenzen, lieten dit niet toe. Het jaar 1976 werd gekenmerkt door het feit dat voorzitter H. van Mulken reeds 25 jaar als bestuurslid fungeerde. In het diepste geheim had zich een feestcomité gevormd, dat aan dit gebeuren een feestelijk tintje moest geven. Op het nieuwe marktplein werd een feesttent voor dit doel ingericht. Op de feestdag, 23 mei 1976, werd de feesteling met zijn echtgenote van huis afgehaald door de fanfare, met in hun midden ere-voorzitter Mathieu Dassen, om hen te begeleiden naar de St. Martinuskerk te Stein. Het werd een verrassing voor de zilveren jubilaris en zijn familie. Niet alleen de fanfare verzorgde de opluistering van de H. Mis met muziek. Ook het St. Martinuskoor onder leiding van Ton Clemens en organist Vossen gaven acte de présence.

De parochiegeestelijkheid had niets nagelaten om het een onvergetelijke gebeurtenis voor de familie van Mulken te maken. Aan de hierop volgende receptie in de feesttent scheen geen einde te komen. De geweldige opbrengst was een welkome aanvulling voor de verenigingskas van de fanfare. Het feestprogramma werd geheel volgens programma afgewerkt.

Het programma dat na alle ceremonieel zijn vervolg kreeg in Hotel Havenzicht werd gevolgd door een diner. De familie Geenen had alle kookkunst ten toon gespreid om dit tot een culinair succes te maken. De jaren 1977 en 1978 kunnen als crisisjaren worden bestempeld voor fanfare St. Martin. Dit had ook zijn weerslag op dirigent Coumans. Hij was tegen de gegroeide mentaliteit c.q. oppositie van diverse muzikanten niet opgewassen en vroeg zijn ontslag.

Reageren?

Nog geen reacties

Een reactie plaatsen